De bengaal is een relatief nieuw kattenras dat zo gefokt is dat het het uiterlijk heeft van een wilde kat en het gedrag van een huiskat. Dit ras is ontstaan in de Verenigde Staten in de jaren 1950 na het kruisen van de wilde Bengaalse tijgerkat met huiskatten. Er ontstonden katten met een prachtig vlekkenpatroon en een betrouwbaar karakter. In 1983 werd bij TICA (The International Cat Assocition) het ras geregistreerd.
Uiterlijk
De bengaal heeft een geel/oranje kleur met daarbij bruine of zwarte vlekken/strepen. Hun vacht is dik, glad en voelt enorm zacht aan. De kop is in verhouding met de rest van het lichaam klein. De ogen zijn groot en amandelvormig. Rond de ogen zit een zwarte kring. Hun oren zijn klein en naar voren gericht. De staart is gemiddelde lengte en heeft aan het einde zwarte ringen. Het lichaam is over het algemeen vrij lang en gespierd. De achterpoten zijn iets langer dan de voorpoten en alle poten hebben zwarte voetzolen.
Er zijn twee vachtpatronen; de gemarmerde (tabby marble) en de gevlekte (tabby spotted). Die hebben allebei ook weer twee stromingen; de black tabby en de sneeuwbengaal. Bij de gevlekte bengaal kan er sprake zijn van rozetten in het vachtpatroon. Rozetten zijn vlekken waarvan een gedeelte van die vlek een warmere kleur heeft.
Karakter
De bengaal is een vriendelijke, nieuwsgierige en intelligente kat. De laatste twee eigenschappen heeft de bengaal geërfd van zijn wilde voorvader. De bengaal is in tegenstelling tot vele andere katten dol op water. Deze eigenschap is waarschijnlijk ook door de voorvader doorgegeven. Bengalen zijn gek op aandacht en zijn daarom ook erg speels. Ook kunnen ze zichzelf goed bezighouden. Toch zijn de meeste bengalen geen schootkatten. Kopjes geven en spelen is genoeg voor ze. Ze gaan liever achter een vliegje aan dan bij je op schoot te zitten. Deze katten zitten graag op hoge plekken en daar komen ze zo met hun behendige lichaam; ze kunnen heel erg ver springen. Ze vinden het leuk om alles vanuit een hoge plek alles in de gaten te houden. Dit kan ook je schouder betekenen.
Dit ras gaat ook goed samen met andere katten, maar dan het liefst ook actieve katten. Honden in huis is over het algemeen ook geen probleem. Ook past een bengaal zich snel aan, bijvoorbeeld aan nieuwe huisdieren of een andere omgeving. Veel bengalen worden, net als vele andere raskatten, binnengehouden. Dit kan mits er veel speelmogelijkheden zijn én een grote ren buiten is.
Verzorging
De bengaal heeft niet veel verzorging nodig, alleen veel aandacht en voldoende voedsel. Vachtverzorging is ook bijna niet nodig, het wordt soms wel eens afgeraden, aangezien de dieren zich zelf goed schoonmaken.
Bron: wikipedia